bronnen
BREEAM (Building Research Establishment Environmental Assessment Method) is hét instrument om integraal de duurzaamheid van nieuwe gebouwen, bestaande gebouwen, gebieden en sloopprojecten te meten en te beoordelen. Vanuit de internationale organisatie Building Research Establishment (BRE) bepalen zij de duurzaamheidsstandard voor de gebouwde omgeving. BREEAM hanteert ambitieuze richtlijnen die goed uitvoerbaar zijn en daarnaast worden ze wereldwijd erkent als duurzaam gebouw certificeringssysteem. Sinds de oprichting in 1990 zijn er al meer dan 562.500 gebouwen BREEAM gecertificeerd in 78 verschillende landen.
bronnen
GRI-Standaard – Het Global Reporting Initiative (GRI) is een internationale onafhankelijke organisatie opgezet door de United Nations (UN) die bedrijven, overheden en andere organisaties helpt en inzicht geeft in hun impact op kwesties zoals klimaatverandering, mensenrechten en corruptie. Het GRI-duurzaamheidsrapportage streeft naar het standaardiseren en kwantificeren van de milieu-, sociale en bestuurskosten en voordelen die voortvloeien uit de activiteiten van de organisaties. Enkele voorbeelden van de te gebruiken rapporteringsmaatregelen zijn de gekwantificeerde resultaten van de CO2-uitstoot, werk- en betalingsvoorwaarden, en financiële transparantie.
bronnen
FSC® – FSC® hout komt uit bossen die op een verantwoorde wijze beheerd worden. Verantwoord wil zeggen dat rekening wordt gehouden met ecologisch, economische en sociale vragen van het heden en de toekomst. FSC® staat voor ‘Forest Stewardschip Council’ of Raad voor Duurzaam Bosbeheer. Deze internationale erkende organisatie heeft 10 voorwaarden vastgelegd waaraan een goed beheerd bos moet voldoen.
1. Bosbeheer dat wetten, internationale verdragen en principes respecteert.
2. Gedocumenteerde eigendoms- en gebruiksrechten van land en bos.
3. Respecteren van de rechten van de inheemse bevolking op hun land, en van hun grondstoffen.
4. Boswerkzaamheden dienen het sociale en economische welzijn van bosarbeiders en locale gemeenschappen te verzekeren.
5. Verzekering van de ecologische en economische productiviteit van het bos.
6. Vrijwaring van de ecologische functies van het bos.
7. Opstellen en bijhouden van een bosbeheersplan.
8. Regelmatige opvolging en evaluatie van het bosbeheer.
9. Behoud van natuurlijke bossen met bijzondere economische, sociale en/of culturele waarde. 
10. Aanplantingen moeten ervoor zorgen dat natuurlijke bossen minder aangetast worden.